Sociale media kunnen ook leiden tot sociale controle

Het is inmiddels jaren geleden, maar ik zie het nog voor me  alsof het gisteren gebeurde. Het was op het Syntagma-plein in Athene, dat nu regelmatig in journaalbeelden verschijnt vanwege economische opstandjes in de  Griekse Hoofdstad. Een dikke Amerikaan, die de telelens van een Japanse fotocamera  potsierlijk voor zijn buik laat bengelen, als was het ‘t ventiel van zijn  welzijn, roept – terwijl hij wijst op het graf van de Onbekende Soldaat  – met luide stem: “Is that the Acropolis?”. Ik  vond dat destijds niet alleen hilarisch, maar ook ongelooflijk dom. Iedereen  wist toch wel dat de Acropolis de hoger  gelegen stad was, met daarop de zo fraai bewaard gebleven Parthenon  tempel? Nou, deze domme Amerikaan wist dat dus niet…

Momenteel gaat dit heel anders, en kan de domheid van de  voornoemde Amerikaan eigenlijk niet meer bestaan. Tegenwoordig richt iedere toerist zijn smartphone op het historisch ogende object van zijn keuze, en
zelfs zonder er een foto van te hoeven maken, heeft de één of andere ‘augmented  reality app’ al alle mogelijke context informatie opgehaald. De smartphone vertelt de Amerikaan vandaag dat dit niet de Acropolis is, maar het graf van de  Onbekende Soldaat, dat het gebouw erachter het Parlementsgebouw is, en dat de wachters  die er voor staan –inderdaad die grappige gasten met die pluimen op hun  schoenen – “Efzonen” heten, en dat zij dagelijks om het uur ritueel de wacht  verwisselen, hetgeen een groot toeristisch spektakel is. By the way, 2.920.0457  mensen ‘liked this event on Facebook’.  “Mmmm”, denk je dan tegenwoordig als Amerikaans toerist. “Zo veel mensen die het leuk  vonden, ik kom morgen nog maar even terug om dat wisselen van die wacht inderdaad mee te maken”. En je bent blij te weten dat dit dus niet de Acropolis is.

Vanwege omstandigheden die hier nu niet terzake doen, was ik  onlangs in een typische ‘gay versierbar’ in Barcelona. Een ‘vleeshal’, had ik  het vroeger genoemd. Voornamelijk jong grut, dat alvorens de stad in te gaan  zichtbaar uren onder de douche en voor de spiegel had doorgebracht.  De voornaamste reden van hun barbezoek op dit late uur was de hoop op het vinden van een leuke en passende bedpartner. De  kroeg was dus de marktplaats, waar vraag en aanbod elkaar troffen. Niets meer  en niet minder, dacht ik nog, toen mij opviel dat wel opvallend veel van die  opgepoetste jongelingen welhaast de hele avond over hun mobieltjes gebogen  hingen. Eerst dacht ik nog: “die smst z’n dat natuurlijk, om te horen waar die  blijft”, maar daar ben je toch geen uren mee bezig? Ik begon brutaalweg links  en rechts over wat schouders heen te kijken, en ontdekte dat ik op de meeste  mobieltjes zag dat men was ingelogd op de app van GRINDR. Een social network dat zich richt op de uitgaande gay-community. De idee is dat iedereen die  geïnteresseerd is in een date zich als ‘beschikbaar’ kan aanmelden. Foto en profiel worden dan getoond in de app, en zijn zichtbaar voor zoekenden in een bepaalde omgeving. Concreet betekent dit dat als ik in een bepaalde bar zit, ik via de
app op mijn smartphone kan zien wie er in mijn omgeving geïnteresseerd is in een date. Ik kan meteen een foto zien, en aldus de aanbieder bijvoorbeeld identificeren als de gozer die naast me aan de bar staat.  Desgrewenst kan ik  doorklikken op alle informatie over wat hij zich van de dat zou voorstellen,  etcetera…  Als je het mij vraagt een wel erg verregaande vorm van ‘augmented reality’, want haalt het de spanning niet een beetje uit het versierspel?

Zoals we weten is de techniek echter niet te stoppen. Als we  een advertentie in een ABRI zien staat er al vaak een SMS-code bij, waarmee we meer informatie inzake het betreffende product kunnen opvragen, en het duurt  zeker ook niet lang meer alvorens dergelijke codes ook standaard verbonden zijn  aan ‘feedback’ en ‘tweets’ van andere consumenten op social media. Voor marketeers kan er dus – ook hier weer-  maar één conclusie zijn: de toepassing van social  media noopt tot de grootst mogelijke authenticiteit in marketing-uitingen. Elk  verzonden bericht moet waar zijn, want anders wordt men direct afgestraft.
Tegelijkertijd blijkt de toepassing van de sociale media ook te kunnen leiden  tot sociale controle. Bij een toepassing als die van de gay network site GRINDR kan iedereen in feite zien wat de voorkeuren zijn van de persoon met wie een  ander weggaat… Willen we sommige dingen toch echt niet een beetje persoonlijk  houden? Moeten de buren echt alles van je (kunnen) weten?

De social media strategie van Free Recordshop

Waarschijnlijk bestaat het fenomeen al een tijdje, maar mij viel het afgelopen weekend pas voor het eerst op. Ik heb het over de FREE RECORDSHOP FANDEALS. Een verwarrend fenomeen als je het mij vraagt, want gaat het de Free Recordshop  er nu om zoveel mogelijk online klanten naar de fysieke winkels te lokken, of wil van Breukhoven juist het traditioneel winkelend publiek verleiden zich als Friend van de keten aan te melden op Facebook?

Wat ik in ieder geval gezien heb is dat er in de fysieke winkels van Free Recordshop grote bakken staan met artikelen die je met korting mee naar huis kunt nemen als je geregistreerd ben als Fan van Free Recordshop op Facebook. Fan wordt je door op de fameuze “I like” button te klikken. Ik zou me kunnen voorstellen dat van Breukhoven graag veel Facebook vrienden van zijn keten heeft, want hij ziet hierin zonder twijfel een aardig distributiekanaal voor zijn marketing uitingen, en hij kan zijn klanten met behulp van de gegevens die Facebook ‘aan de achterkant’ verstrekt beter profileren.

 Maar waarom geeft Freerecordshop dan niet alle Facebook Fans gewoon sowieso korting? Waarom wordt je daarvoor naar de fysieke winkel gelokt, om je product met korting op te halen? Zouden van Breukhoven en de zijnen er achter gekomen zijn dat de traditionele ‘schappenverleiding’ en ‘kassakoopjes’ nog altijd beter werken in een echte winkel dan in een webshop? Of zouden zij van Free Recordshop in de sociale media echt gewoon niets anders zien dan een ander marketingkanaal voor het traditionele business model. Gezien de mate waarin men in het verleden heeft ingezet op de online shop, zou mij dat toch erg verbazen.

Gezien het feit dat er door de keten ook nog fraaie prijzen verloot worden onder de nieuwe fans, geloof ik toch echt dat het ze gaat om de communityvorming op Facebook. Die bakken met goederen in de winkel zeggen je dus eigenlijk alleen maar: blijf voortaan maar thuis. Bestel maar online, vanuit Facebook.

Ok, dus daar zijn we uit. Het enige raadsel dat dan nog overblijft is waarom er maar 921 mensen Fan zijn geworden van de Free Recordshop op Facebook (mij meegeteld).  Is men te onduidelijk met de bedoelingen en gevolgen? Is de geboden korting te laag? Nog geen duizend fans voor een nationale winkelketen, die vooral games verkoopt aan kids (de facebook-gerneratie). Wie kan mij uitleggen wat hier misgaat?

 

 

Lekkere peren verkopen nog altijd het beste!

Mond-tot-mond reclame is de best denkbare promotie. Dat weet elke ondernemer al jaren. Want ga maar na: hoe hard je ook op de markt staat te roepen dat je heerlijke peren hebt, je stem zal nooit verder rijken dan enkele tientallen meters, en wordt zelfs zeer waarschijnlijk al veel eerder gesmoord in het geroep van de koopman die naast je staat. Maar als je klanten jouw overheerlijke peren thuis aan vrienden en familie laten proeven, en die dan vragen “goh, waar haal je die lekkere peren?” en als jouw klanten  daarop dan jouw naam noemen en beginnen uit te leggen waar jouw kraam staat… Nou dan weet je zeker dat je de peren niet meer aan kunt slepen! Een simpele marketing-waarheid die iedereen begrijpt.

Maar wat nu te denken van de marktkoopman die zichzelf bij jou thuis uitnodigt op het moment dat de peren gegeten worden, en dan om het hardst gaat roepen “Wat een fantastische peren!”. Zie je het al voor je? Die marktkoopman zou zich zelf volkomen belachelijk maken… Wellicht kan hij dan nog beter in vermomming – of onder een schuilnaam – bij je over de vloer komen om zijn eigen peren aan te prijzen. Of misschien moest hij zijn kinderen maar inschakelen, en zorgen dat die vriendjes worden met de kinderen van de klanten, zodat ze daar over de vloer komen, en als er dan eens een peertje uitgedeeld zou worden, zouden ze kunnen roepen, dat… Wat zeg je? Slecht idee? Ok, dan stel ik voor dat de marktkoopman gewoon zelf een feestje organiseert waarop hij al zijn klanten uitnodigt, zodat die aan elkaar kunnen vertellen wat een heerlijke peren het toch zijn… Ik geef toe, het is omslachtig, maar je moet toch wat…

“t Benne heerlijke peren, Ik kan ze van van harte aan recommanderen…”

We zullen het eens zijn: gewoon lekkere peren verkopen zal het beste werken voor de marktkoopman. Wonderlijk toch dat met de introductie van de zogenaamde social media ondernemers toch steeds weer al die rare fratsen proberen, waarvan we bij de marktkoopman meteen snappen dat het niet gaat werken. Zelf deelnemen aan de discussies op social media platforms over je product, al dan niet onder schuilnaam… Infiltreren… Of zelf je eigen platform proberen op te zetten…. Het is allemaal lariekoek! Ondernemers moeten gewoon goede producten verkopen, dan gaan de tevreden klanten er vanzelf met elkaar over praten. En dat gebeurt tegenwoordig vaak op de social media.  De koopman moet daar niet tussen willen komen. Meeluisteren mag wel; meeluisteren is iets anders. Daar kun je namelijk je voordeel mee doen. Als iemand zegt: “ja, inderdaad. Lekkere peren, maar van mij mogen ze wat zoeter”.  Kijk: daar kun je als koopman iets mee.

Bij social CRM moet het derhalve ook vooral gaan om het monitoren van de klantuitingen en die gebruiken voor productontwikkelen, verbeteren van de service, etc. Probeer als ondernemer de social media vooral niet te zien als een push-distributie kanaal, want je maakt je net zo belancheliojk als die marktkoopman die op jouw verjaardagsfeestje met een opgeplakte snor en een hoedje zijn eigen peren ongemerkt probeert aan te prijzen. Authenticiteit en goede producten: daar gaat het om!

Ondernemers doet er uw voordeel mee!