Minder typmieps en toch meer gegevens in het systeem. Een BIG DATA paradox.

 

Voorheen werd digitale data voornamelijk ingevoerd door datatypistes, die in grote kantoorgebouwen de hele dag niets anders deden dan met hun vingers behendig op toetsenborden te kloppen. Ze konden dit razendsnel, en vaak ook nog blind (waarbij niemand zich erom leek te bekommeren dat blind typen eigenlijk zinloos is, omdat je het dan ook niet kunt teruglezen…). Met de introductie van email, laptops en personal digital assistants (PDA’s) was er sprake van een verschuiving gaande, in die zin dat een grotere groep medewerkers data ging produceren. Inmiddels zijn het al lang niet meer alleen maar de secretaresses en typemieps die gegevens invoeren, maar de directeur handelt meestal zijn eigen email af en veel data-entry is met behulp van self-service applicaties en portalen verschoven naar de eigenaar van de gegevens. Een klant update bijvoorbeeld zelf zijn adresgegevens in het CRM systeem, een leverancier wijzigt zelf de status van inkooporders, etcetera.

Typist_1910

En nu de laatste jaren het gebruik van social media zo enorm in populariteit is toegenomen lijkt er helemaal geen houden meer te zijn aan de aanwas van data. Men zegt dat 90% van alle digitaal opgeslagen gegevens die bestaan, on de afgelopen twee jaar is geproduceerd. U kent de voorbeelden vast: op Youtube wordt per minuut meer videomateriaal ge-upload dan in een mensenleven valt te bekijken… Aan deze dataproductie doen wij allemaal mee; zij geschiedt echt niet meer door secretaresse-achtige types alleen.

En nu er ook nog eens steeds meer apparaten en sensoren zijn die direct in verbinding staan met het internet en zelfstandig gegevens produceren, is de data-aanwas helemaal niet meer te stuiten. Men spreekt dan ook terecht over BIG DATA. Hoewel: terecht? Misschien zouden we het wel over GIGA DATA moeten hebben..

Door de hierboven geschetste ontwikkelingen zijn er wereldwijd steeds minder secretariële functies. Typemiep is een uitstervend beroep. En is het nu een echte of een schijntegenstrijdigheid, dat hoe minder de toetsenborden beroerd worden, hoe meer data er geproduceerd wordt?